Citaat | Raad van State 2 december 2020

Alinea 32 Raad van State 2 december 2020

Een alinea uit Raad van State 2 december 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2849.

5. Omdat de hoogte van de bestuurlijke boete bij wettelijk voorschrift is vastgesteld, dient de hoogte van de boete te worden getoetst aan artikel 5:46, derde lid, van de Awb. Hierin is bepaald dat het bestuursorgaan, indien de hoogte van de bestuurlijke boete bij wettelijk voorschrift is vastgesteld, niettemin een lagere bestuurlijke boete oplegt, indien de overtreder aannemelijk maakt dat de vastgestelde bestuurlijke boete wegens bijzondere omstandigheden te hoog is. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen in de uitspraak van 2 september 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2096, kunnen een verminderde verwijtbaarheid, een beperkte ernst van een overtreding en een geringe financiële draagkracht worden aangemerkt als bijzondere omstandigheden, als bedoeld in artikel 5:46, derde lid, van de Awb, die aanleiding geven om een boete te matigen. Voor zover de overtreder stelt dat een of meer van deze omstandigheden in dit geval aan de orde zijn, moet hij dat aannemelijk maken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/782bb22bd32172ea842c627fb7e5fa9f3e75bd4d5c4a039a845419db12f726ed. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 782bb22bd32172ea842c627fb7e5fa9f3e75bd4d5c4a039a845419db12f726ed, en de alinea staat in dat document op bytes 13177 tot 14170.