Citaat | Raad van State 9 december 2020
Alinea 32 Raad van State 9 december 2020
Een alinea uit Raad van State 9 december 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2912.
De rechtbank overweegt dat vervolgens moet worden beoordeeld of de door de burgemeester opgelegde gebiedsverboden voldoen aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit, zoals die uit zowel artikel 2 van het Vierde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: EVRM) als uit het nationale recht voortvloeien. Ten aanzien van de eis van proportionaliteit kan de dreigende verstoring van de openbare orde een rechtvaardiging vormen voor de beperking van (grond)rechten, waaronder het recht op bewegingsvrijheid. Tussen het algemeen belang bij het tegengaan van een dreigende verstoring van de openbare orde enerzijds en het respecteren van zijn (grond)rechten, waaronder het recht op bewegingsvrijheid, anderzijds, moet een redelijke verhouding bestaan. Als algemeen uitgangspunt heeft daarbij te gelden dat een gebiedsverbod niet langer mag duren dan strikt noodzakelijk en dat het gebied waarop het verbod ziet zoveel als mogelijk moet worden beperkt. Omdat de - dreigende — verstoring van de openbare orde hier niet van [wederpartij] maar van derden uitgaat, dient hier het belang bij het respecteren van zijn rechten zwaarder te wegen dan in het geval die dreiging wel van hemzelf zou zijn uitgegaan. Voorts moeten de onderscheiden belangen worden bezien in het licht van de aan de burgemeester op grond van artikel 172, derde lid, van de Gemeentewet toegekende bevoegdheid. Deze bevoegdheid behelst een lichte bevelsbevoegdheid om in urgente situaties waarbij nog niet alle informatie voorhanden is, snel te kunnen handelen, ook met ingrijpende bevelen zoals beperken van (grond)rechten onder het spreekwoord 'Nood breekt wet'. De bevoegdheid is niet in het leven geroepen om (grond)rechten voor langere duur vergaand te beperken. De democratische legitimatie daarvoor ontbreekt. Bovendien is een vergaande beperking voor langere duur van (grond)rechten op basis van artikel 172, derde lid, van de Gemeentewet niet kenbaar en voorzienbaar.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3196e8ca9f513ddbde566a6e91a6c4ef77f92fab61dd3ad91a8d708c1b9922cb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3196e8ca9f513ddbde566a6e91a6c4ef77f92fab61dd3ad91a8d708c1b9922cb, en de alinea staat in dat document op bytes 10533 tot 12556.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3196e8ca9f513ddbde566a6e91a6c4ef77f92fab61dd3ad91a8d708c1b9922cb | shasum -a 256