Citaat | Raad van State 30 december 2020

Alinea 53 Raad van State 30 december 2020

Een alinea uit Raad van State 30 december 2020, ECLI:NL:RVS:2020:3045.

7. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte de restrictieve toets uit artikel 68a van het Besluit verkrijging en verlies Nederlanderschap (hierna: het BVVN) niet buiten toepassing heeft gelaten. [appellant] voert aan dat de staatssecretaris een volledige, op zijn persoon toegespitste belangenafweging had moeten maken. De staatssecretaris had moeten beoordelen of [appellant] aan de essentiële belangen van de Nederlandse staat schade heeft berokkend, waarbij hij de strafmaat, de duur van de opgelegde straf, de actualiteit van de bedreiging voor de openbare orde, de bedreiging voor de nationale veiligheid, het Unierechtelijk evenredigheidsbeginsel en de belangen van de kinderen van [appellant] had moeten meewegen. [appellant] verwijst hierbij naar een rapport van ABDTOPConsult van 14 februari 2020, waarin wordt aanbevolen om een nader afwegingskader in het licht van de jurisprudentie van het Hof van Justitie te maken om de discretionaire bevoegdheid van de staatssecretaris proportioneel te kunnen benutten. Ook volgt volgens [appellant] uit een rechtsvergelijkende analyse dat de meeste lidstaten van de Europese Unie bij de belangenafweging in het kader van intrekking van de nationaliteit een minder strikt beoordelingskader hanteren dan de staatssecretaris op basis van artikel 68a van het BVVN doet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efbe6f6ff33d018e45b605a351a247e1c022e876b44f0e880d88f9ff1cd6d300. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efbe6f6ff33d018e45b605a351a247e1c022e876b44f0e880d88f9ff1cd6d300, en de alinea staat in dat document op bytes 31387 tot 32731.