Citaat | Raad van State 12 februari 2020

Alinea 153 Raad van State 12 februari 2020

Een alinea uit Raad van State 12 februari 2020, ECLI:NL:RVS:2020:452.

Daarnaast voert POV aan dat de nadelige gevolgen van de stalderingsregeling voor varkenshouderijen onevenredig zijn in verhouding tot de daarmee te dienen doelen. Volgens POV heeft de stalderingsregeling aanzienlijke financiële gevolgen voor varkenshouders omdat de kosten voor stalderen alleen voor rekening komt van de blijvers en niet voor de bedrijven die stoppen. Dit staat volgens POV haaks op gemaakte afspraken met belanghebbende partijen in de landbouwsector dat de extra investeringen ten behoeve van een zorgvuldige veehouderij gepaard moeten gaan met een betere prijs voor de varkenshouder. Daarbij komt dat het geld dat nodig is voor stalderen niet kan worden geïnvesteerd in het verduurzamen van de veehouderij. POV wijst erop dat uit onderzoek blijkt dat de voorwaarde van stalderen leidt tot extra druk op de inkomens en de bedrijfsmarges door de verplichte investeringen die varkenshouders moeten doen voorafgaand aan de vergunningaanvraag, zoals de kosten voor het slopen van bestaande stallen of de kosten voor het doorlopen van een bestemmingsplanprocedure. Bovendien kan de prijs van stalderingsmeters volgens POV fors oplopen omdat de koop en verkoop daarvan is overgelaten aan de vrije markt. Dit geldt temeer als er een schaarste aan stalderingsmeters ontstaat omdat er geen of onvoldoende hokdierhouderijen binnen een stalderingsgebied stoppen. Daarbij gaat POV er van uit dat de prijs van stalderingsmeters ten minste gelijk is aan de prijs van € 50 - € 65 per m2 die volgens haar wordt betaald voor de sloop van bedrijfsgebouwen ten dienste van de veehouderij in het kader van de ruimte-voor-ruimte-regeling. Volgens POV is de stalderingsregeling onzorgvuldig voorbereid. De regeling had zo moeten worden vormgegeven dat schaarste aan stalderingsruimte met een prijsopdrijvend effect wordt voorkomen. Zij verwijst naar een uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant van 22 mei 2018, ECLI:NL:RBOBR:2018:2436, waarin is geoordeeld dat voor de vaststelling van de Verordening onvoldoende in kaart is gebracht wat de effecten zijn voor veehouders die willen uitbreiden in een periode dat er relatief weinig tot geen bedrijven in een bepaald stalderingsgebied stoppen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f52a487f6e66065a6b2480a9b2f2eb57b906dbdbe262e0fac745676dd90268a2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f52a487f6e66065a6b2480a9b2f2eb57b906dbdbe262e0fac745676dd90268a2, en de alinea staat in dat document op bytes 111832 tot 114038.