Citaat | Raad van State 19 februari 2020
Alinea 43 Raad van State 19 februari 2020
Een alinea uit Raad van State 19 februari 2020, ECLI:NL:RVS:2020:509.
Als sluiting van een woning in beginsel noodzakelijk wordt geacht, neemt dat niet weg dat de sluiting ook evenredig moet zijn. Persoonlijke verwijtbaarheid is weliswaar niet vereist voor toepassing van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet, maar de vraag of de rechthebbende een verwijt van de overtreding kan worden gemaakt, kan wel aan de orde komen in het kader van de beoordeling van de evenredigheid van de sluiting. Van degene die een woning verhuurt, wordt verwacht dat hij zich tot op zekere hoogte informeert over het gebruik dat van het pand wordt gemaakt. De rechtspraak daarover brengt mee dat verhuurders concreet toezicht moeten houden op het gebruik van een pand dat zij verhuren. Het is niet genoeg als zij het pand alleen maar bezoeken. Zij moeten ook controles uitvoeren die zijn gericht op het gebruik van het pand.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/043e6e50a1aba0b1d7f114dd5ea2607549d41a718593e8090ce366ab2fb82169. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 043e6e50a1aba0b1d7f114dd5ea2607549d41a718593e8090ce366ab2fb82169, en de alinea staat in dat document op bytes 18542 tot 19399.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/043e6e50a1aba0b1d7f114dd5ea2607549d41a718593e8090ce366ab2fb82169 | shasum -a 256