Citaat | Raad van State 26 februari 2020
Alinea 32 Raad van State 26 februari 2020
Een alinea uit Raad van State 26 februari 2020, ECLI:NL:RVS:2020:604.
3.4. Dat in de verklaringen vergelijkbare teksten voorkomen, betekent niet dat de staatssecretaris ten onrechte van de juistheid van deze verklaringen is uitgegaan. De vreemdelingen en getuigen hebben, op twee getuigen na, de getypte dan wel handgeschreven versie van hun verklaringen ondertekend. Uit de boeterapporten volgt voorts dat deze twee getuigen, evenals de andere getuigen en de vreemdelingen, hebben volhard in hun tijdens de controle afgelegde verklaringen nadat deze aan hen waren voorgelezen. Omdat [appellante] haar stelling dat de verklaringen onder druk zijn afgelegd verder niet heeft onderbouwd, ziet de Afdeling geen reden om aan te nemen dat zij onzorgvuldig tot stand zijn gekomen. [appellante] heeft evenmin haar stelling onderbouwd dat de tolken niet goed hebben vertaald. De rechtbank is terecht tot het oordeel gekomen dat de staatssecretaris terecht is uitgegaan van de juistheid van de bij de boeterapporten gevoegde verklaringen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f7b02c91265efd289cdc1227cee3938dade2475115a70d4c32ca241dad5dcac3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f7b02c91265efd289cdc1227cee3938dade2475115a70d4c32ca241dad5dcac3, en de alinea staat in dat document op bytes 13580 tot 14558.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f7b02c91265efd289cdc1227cee3938dade2475115a70d4c32ca241dad5dcac3 | shasum -a 256