Citaat | Raad van State 26 februari 2020

Alinea 43 Raad van State 26 februari 2020

Een alinea uit Raad van State 26 februari 2020, ECLI:NL:RVS:2020:604.

4.2. Het geschil in eerste aanleg is aangevangen met de boetekennisgevingen van 11 november 2015 en is afgerond met de uitspraak van de rechtbank van 20 december 2018, zodat deze fase van de procedure drie jaar en bijna twee maanden heeft geduurd. Onbestreden is het oordeel van de rechtbank dat die periode moet worden verminderd met vier maanden, omdat de rechtbank de behandeling van de zaak in die maanden heeft aangehouden in afwachting van een uitspraak van de Afdeling. De redelijke termijn is dus met tien maanden overschreden. Daarmee correspondeert een vergoeding van immateriële schade van € 1.000,00 per boete, dus € 2.000,00 in totaal.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f7b02c91265efd289cdc1227cee3938dade2475115a70d4c32ca241dad5dcac3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f7b02c91265efd289cdc1227cee3938dade2475115a70d4c32ca241dad5dcac3, en de alinea staat in dat document op bytes 22192 tot 22864.