Citaat | Raad van State 4 maart 2020

Alinea 37 Raad van State 4 maart 2020

Een alinea uit Raad van State 4 maart 2020, ECLI:NL:RVS:2020:683.

4. [ appellant sub 1A] en [appellant sub 1B] betogen dat het college van burgemeester en wethouders de raad opzettelijk onjuist heeft voorgelicht over de mogelijkheid die vorige bestemmingsplannen boden voor kampeermiddelen en over de handhavingsprocedure die in het verleden hierover is gevoerd. Volgens hen is daardoor het besluit in strijd met de artikelen 2:4, 3:2 en 3:4 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) tot stand gekomen. Verder betogen zij dat verslagen van commissievergaderingen niet zijn opgesteld of verstuurd en dat het plan met vooringenomenheid is vastgesteld. Ook is er geen besluit naar aanleiding van de zienswijzen naar hen gestuurd. Volgens hen is daardoor het bestreden besluit in strijd met de artikelen 3:15, 3:17 en 7:7, 7:17 en 7:21 van de Awb tot stand gekomen. Tot slot stellen zij dat het besluit in strijd is met de artikelen 41, 42 en 47 van het Handvest van Grondrechten Europese Unie (hierna: het Handvest) en de artikelen 6 en 13 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: EVRM) en artikel 1, tweede lid, van het eerste protocol van het EVRM.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/14950cc4357cb7c6df900525fedf184e0222a1fa03ee8f062854a3b1abe5992b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 14950cc4357cb7c6df900525fedf184e0222a1fa03ee8f062854a3b1abe5992b, en de alinea staat in dat document op bytes 9943 tot 11102.