Citaat | Raad van State 11 maart 2020

Alinea 363 Raad van State 11 maart 2020

Een alinea uit Raad van State 11 maart 2020, ECLI:NL:RVS:2020:738.

6.8 Uw uitspraak van 18 april 2012 (zie noot 57) daarentegen wijst op ex nunc heroverweging in bezwaar in geval van gewijzigde regels (dus deze zaak gaat eerder over overgangsrecht). De zaak betrof een last onder dwangsom ad € 250 per dag per voertuig tot maximaal € 7.500 om een ‘promotieverhuurvoertuig’ weg te halen en geen voertuigen meer te plaatsen met als kennelijk doel handelsreclame. De belanghebbende betoogde dat die laatste last haar niet kon worden opgelegd omdat zij, nu het om door haar verhuurde voertuigen ging, in dat geval niet de overtreder zou zijn: in artikel 5:7, lid 1, APV 2009 waren de woorden "te doen of te laten staan" in artikel 5.1.7, lid 1, APV 2005 vervangen door "parkeren" en een voertuig alleen kan worden ‘geparkeerd’ door degene die er feitelijk over beschikt. U vond dat rekening moest worden gehouden met die ontwikkeling, met name omdat het om een last voor de toekomst ging:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f5f0a4355d9f3971f3163a1e7dc35451d6e0dce2207888d1a1a8c0487669c652. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f5f0a4355d9f3971f3163a1e7dc35451d6e0dce2207888d1a1a8c0487669c652, en de alinea staat in dat document op bytes 133992 tot 134940.