Citaat | Raad van State 18 maart 2020
Alinea 39 Raad van State 18 maart 2020
Een alinea uit Raad van State 18 maart 2020, ECLI:NL:RVS:2020:755.
Het toekennen van een minder beperkt recht dan persoonsgebonden overgangsrecht, door middel van een positieve bestemming, een uitsterfregeling of regulier overgangsrecht, acht de raad onaanvaardbaar omdat het ongewenste gebruik dan langer zou kunnen blijven voortbestaan. De raad stelt dat hij appellanten daarom ook niet in de gelegenheid heeft hoeven stellen om de ruimtelijke aanvaardbaarheid van een concreet initiatief aan te tonen. De door hen aangehaalde jurisprudentie van de Afdeling is volgens de raad niet van belang, omdat deze niet ziet op situaties zoals de onderhavige, waarin het betreffende gebruik voor de tweede of derde keer op rij onder het persoonsgebonden overgangsrecht is gebracht. Dat in de uitspraak van 2 maart 2016, ECLI:NL:RVS:2016:529 is bepaald dat, wanneer een positieve woonbestemming niet mogelijk is, het veeleer in de rede ligt dat een uitsterfregeling in het plan wordt opgenomen, betekent niet dat het gebruik van gebouwen als woningen in de aan de orde zijnde gevallen niet onder het persoonsgebonden overgangsrecht kon worden gebracht. In het geval dat in die uitspraak aan de orde was, werd gebruik onder persoonsgebonden overgangsrecht gebracht dat in het daarvóór geldende plan onder algemeen overgangsrecht viel. Nu het gebruik van de gebouwen als woningen in de hier aan de orde zijnde gevallen in het vorige plan niet onder het algemeen overgangsrecht, maar onder het persoonsgebonden overgangsrecht viel, is van een dergelijke situatie volgens de raad geen sprake. Hoewel het gebruik van het gebouw als woning aan het [locatie 8] naar aanleiding van de voornoemde uitspraak van 2 maart 2016 bij wijze van financiële compensatie onder een vorm van regulier overgangsrecht is gebracht in plaats van onder persoonsgebonden overgangsrecht, acht de raad deze situatie vanuit ruimtelijk oogpunt nog steeds onwenselijk. Anders dan appellanten stellen, is het gebruik van gebouwen voor de huisvesting van arbeidsmigranten niet gelijk te stellen met het gebruik daarvan als burgerwoning omdat arbeidsmigranten daar ten behoeve van een bedrijf wonen en omdat een vergunning voor een beperkte periode van slechts vijf jaar wordt verleend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0573bd602f07ff02ab4f77ff1d5d125af90924266bd9ab656c8b269e0de70a35. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0573bd602f07ff02ab4f77ff1d5d125af90924266bd9ab656c8b269e0de70a35, en de alinea staat in dat document op bytes 13636 tot 15834.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0573bd602f07ff02ab4f77ff1d5d125af90924266bd9ab656c8b269e0de70a35 | shasum -a 256