Citaat | Raad van State 15 januari 2020

Alinea 33 Raad van State 15 januari 2020

Een alinea uit Raad van State 15 januari 2020, ECLI:NL:RVS:2020:84.

Bij de rechtbank heeft [appellante] een verklaring van een huisarts van 30 juli 2018 en een maatschappelijk werker van 11 maart 2019 overgelegd. Bij het hogerberoepschrift heeft [appellante] een nieuwe verklaring van de huisarts van 25 april 2019 en medische verklaringen van 19 en 26 juli 2019 gevoegd. Deze verklaringen dateren van na het besluit van 13 juli 2018. Volgens deze stukken zijn de medische klachten van [appellante] verergerd. Onder meer de huisarts heeft dat geconcludeerd op basis van nieuwe medische inzichten. De Afdeling dient echter te beoordelen of het college op 13 juli 2018, uitgaande van de feiten zoals die op die datum voorlagen, de eerdere weigering in stand heeft kunnen laten. Dat betekent dat de door [appellante] gestelde verergering van de klachten geen rol kan spelen in de beoordeling van het hoger beroep. Weliswaar kunnen nadere bewijsstukken bijdragen aan de verduidelijking van de feiten zoals die waren ten tijde van het besluit op 13 juli 2018, maar dat kan niet indien die bewijsstukken informatie bevatten over feiten die nog niet bekend waren op het moment dat het college moest besluiten. De wet draagt de bestuursrechter immers niet op om besluiten te nemen, maar om besluiten van bestuursorganen aan het recht te toetsen. Dit betekent dat de bestuursrechter, tenzij uit de wet of een andere rechtsregel anders voortvloeit, zijn oordeel moet baseren op de feiten zoals die waren op het tijdstip waarvan het bestuursorgaan bij het bestreden besluit moest uitgaan. Ook in dit geval dient de Afdeling te beoordelen of het college op basis van de feiten zoals die waren ten tijde van het besluit op het bezwaar in redelijkheid tot zijn besluit heeft kunnen komen. De door [appellante] ingebrachte verklaringen dateren van na het besluit op bezwaar, bevatten nieuwe medische informatie en kunnen daarom niet tot het oordeel leiden dat het college niet tot het besluit van 13 juli 2018 had kunnen komen. Dat het college naar aanleiding van deze nieuwe gegevens heeft ingestemd met een herkeuring van [appellante] en dat de GGD-arts een nieuw advies zal uitbrengen kan ook geen rol spelen in dit geding. Ter zitting heeft het college toegelicht dat de GGD-arts aan de hand van de nieuwe gegevens zal beoordelen of de situatie is verslechterd. Omdat dit onderzoek ook betrekking heeft op feiten van na het besluit van 13 juli 2018, wacht de Afdeling de resultaten van de herkeuring niet af.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7c499813c74153ddf29ce3ee9ad2f7161755a61624b8c22638e09e0e15d75136. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7c499813c74153ddf29ce3ee9ad2f7161755a61624b8c22638e09e0e15d75136, en de alinea staat in dat document op bytes 12374 tot 14816.