Citaat | Raad van State 25 maart 2020
Alinea 32 Raad van State 25 maart 2020
Een alinea uit Raad van State 25 maart 2020, ECLI:NL:RVS:2020:881.
5.1. In de uitspraak van 7 november 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3609, heeft de Afdeling naar aanleiding van gelijkluidende gronden en argumenten geoordeeld dat artikel 26.1 van de Verordening niet in strijd is met artikel 4.1, eerste lid, van de Wro en dat artikel 26.1 van de Verordening ruimte geen ruimte biedt om de aanwezigheid van een stalderingsbewijs als een voorwaardelijke verplichting in de omgevingsvergunning voor bouwen op te nemen. Ook achtte de Afdeling onvoldoende aannemelijk dat geen financiering zal kunnen worden verkregen voor sloop of herbestemming van bebouwing elders binnen het stalderingsgebied voordat op vergunningaanvragen wordt beslist. De Afdeling ziet naar aanleiding van het door [appellant sub 1] - die niet ter zitting is verschenen om zijn gronden en argumenten toe te lichten - aangevoerde, geen aanleiding om tot een ander oordeel te komen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/82fac1dc70d164b7b42c09339f041f00f85fadefdd5a3057d0bf2d32d91fe341. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 82fac1dc70d164b7b42c09339f041f00f85fadefdd5a3057d0bf2d32d91fe341, en de alinea staat in dat document op bytes 13142 tot 14035.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/82fac1dc70d164b7b42c09339f041f00f85fadefdd5a3057d0bf2d32d91fe341 | shasum -a 256