Citaat | Raad van State 1 april 2020

Alinea 28 Raad van State 1 april 2020

Een alinea uit Raad van State 1 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:950.

2.1. Artikel 8:58, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht bepaalt dat partijen tot tien dagen voor de zitting nadere stukken kunnen indienen. Nu vaststaat dat het college korter dan tien dagen voor zitting nadere stukken heeft ingediend, dient beoordeeld te worden of het in strijd met de goede procesorde is om deze stukken niettemin te betrekken bij de beoordeling van het hoger beroep. Dat is het geval, wanneer de nadere stukken verwijtbaar zodanig laat worden ingediend, dat de andere partijen worden belemmerd om daarop adequaat te reageren of de goede voortgang van de procedure daardoor anderszins wordt belemmerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cf9f2512eadcda551bdf1a8ed693244155c70208fb41539fc7911aa8f47da480. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cf9f2512eadcda551bdf1a8ed693244155c70208fb41539fc7911aa8f47da480, en de alinea staat in dat document op bytes 8136 tot 8784.