Citaat | Raad van State 1 april 2020

Alinea 175 Raad van State 1 april 2020

Een alinea uit Raad van State 1 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:971.

Voor zover [appellant sub 5] betoogt dat hij in het concrete geval onevenredig wordt geraakt door het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan bestaat er geen aanleiding voor het oordeel dat de raad de belangen van [appellant sub 5] daarbij onvoldoende heeft betrokken. De raad heeft zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat de mate van bescherming die wordt toegekend aan de als karakteristiek aangemerkte bouwwerken gerechtvaardigd is. Hierbij betrekt de Afdeling dat is voorzien in de mogelijkheid een omgevingsvergunning voor gedeeltelijke of gehele sloop te verkrijgen, waarbij ingevolge artikel 3, lid 3.4.2, onder b, onder 6, van de planregels een soepeler regime geldt voor bedrijfsschuren. In het kader van een aanvraag van een omgevingsvergunning moet het college beoordelen in hoeverre zinvol hergebruik van de als karakteristiek aangemerkte bedrijfsschuren overeenkomstig de geldende agrarische bestemming nog mogelijk is. Wanneer dit gebruik redelijkerwijs niet mogelijk is, moet ingevolge artikel 3, lid 3.4.2, onder b, onder 6, onder b, van de planregels een belangenafweging worden gemaakt waarbij het belang van bescherming van cultuurhistorische waarden moet worden afgezet tegen het belang van de aanvrager. Bij die afweging moeten de door [appellant sub 5] genoemde omstandigheden, zoals de authenticiteit en bouwtechnische staat van de schuren en de geschiktheid daarvan voor een moderne agrarische bedrijfsvoering, worden betrokken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/70e4b78d37139821850b9b8852ba39c785cee74018daa590a03285edf1a0e235. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 70e4b78d37139821850b9b8852ba39c785cee74018daa590a03285edf1a0e235, en de alinea staat in dat document op bytes 80457 tot 81955.