Citaat | Raad van State 7 juli 2021

Onder 3.2. Raad van State 7 juli 2021

Een alinea uit Raad van State 7 juli 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1468.

De discussie over (het ontbreken van voldoende) indringende rechterlijke toetsing van besluiten van bestuursorganen is (opnieuw) geopend door Hirsch Ballin in zijn VAR-preadvies 2015. Hij laakt daarin de praktijk van bestuursrechters om besluiten bij het nemen waarvan bestuurlijke beleids- en beoordelingsruimte bestaat slechts marginaal te toetsen, en ook het daarvoor aangevoerde ‘alibi’ dat het bestuurlijke gebruik van die ruimten democratisch zou worden gecontroleerd door volksvertegenwoordigingen. Volgens hem is de toekenning van beleidsruimte door de wetgever helemaal niet ingegeven door de wens om het bestuur binnen het wettelijke kader ‘de vrije hand te laten’, maar berust die toekenning op ‘praktische noodzaak en de complexiteit van de beslissituatie’. De politiek verwacht zijns inziens vaak ook niet dat de rechter de bestuurlijke invulling van die ruimte slechts marginaal toetst. Onzes inziens terecht betoogt hij dat de veronderstelde controle van besluiten door vertegenwoordigende organen een fictie is. Die controle is er meestal niet en zeker niet structureel. Dat is al zo bij algemeen verbindende voorschriften en beleidsregels en zeker bij individuele besluiten (beschikkingen).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c89ca0d135fe8b52282b59102727020dab2780288816d04ae1973b7ad8686804. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c89ca0d135fe8b52282b59102727020dab2780288816d04ae1973b7ad8686804, en de alinea staat in dat document op bytes 95167 tot 96592.