Citaat | Raad van State 7 juli 2021

Onder 9.4.1. Raad van State 7 juli 2021

Een alinea uit Raad van State 7 juli 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1468.

Zoals in 6.3 hierboven al opgemerkt, valt sinds de Doorbraakarresten van 1978 niet in te zien dat in concrete individuele gevallen een strikte formele-wetstoepassing niet ook zozeer in strijd kan komen met het in het algemene rechtsbewustzijn levende evenredigheidsbeginsel dat die wetstoepassing achterwege moet blijven. Waarom dat alleen bij het vertrouwensbeginsel (en het gelijkheidsbeginsel) zou gelden en niet bij het evenredigheidsbeginsel, valt onzes inziens niet in te zien. Uit het nog steeds vigerende Harmonisatiewet -arrest (zie 9.6 hieronder) volgt wel dat de rechter de formele wet niet als zodanig onverbindend kan verklaren wegens schending van algemene rechtsbeginselen, hoezeer de rechter die formele wet daarmee ook manifest in strijd acht (in dat geval met het rechtszekerheidsbeginsel).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c89ca0d135fe8b52282b59102727020dab2780288816d04ae1973b7ad8686804. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c89ca0d135fe8b52282b59102727020dab2780288816d04ae1973b7ad8686804, en de alinea staat in dat document op bytes 432306 tot 433226.