Citaat | Raad van State 6 oktober 2021

Alinea 53 Raad van State 6 oktober 2021

Een alinea uit Raad van State 6 oktober 2021, ECLI:NL:RVS:2021:2221.

8.2. Zoals de Afdeling in de uitspraak van 26 februari 2020 (ECLI:NL:RVS:2020:616) heeft overwogen, strekt de mogelijkheid om in een procedure omtrent de verlening van een omgevingsvergunning de gelding van de toepasselijke bestemmingsplanregeling aan de orde te stellen, niet zover dat deze regeling aan dezelfde toetsingsmaatstaf wordt onderworpen als de toetsingsmaatstaf die wordt gehanteerd in het kader van de beoordeling van beroepen tegen een vastgesteld bestemmingsplan. In een procedure als deze, waarin wordt aangevoerd dat de bestemmingsregeling in strijd is met een hogere regeling (de exceptieve toetsing), dient de bestemmingsregeling slechts onverbindend te worden geacht of buiten toepassing te worden gelaten, indien de bestemmingsregeling evident in strijd is met de hogere regeling. Voor evidentie is onder meer vereist dat de hogere regelgeving zodanig concreet is dat deze zich voor toetsing daaraan bij wijze van exceptie leent.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/44ff2319e0f32eac63b36d16f17f85dfa9a863f050c24200097a4df228693590. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 44ff2319e0f32eac63b36d16f17f85dfa9a863f050c24200097a4df228693590, en de alinea staat in dat document op bytes 22042 tot 23012.